
In Memoriam: Kees van Langeraad (1928-2025)

In Memoriam door Yoka van Brummelen
Kringlid Kees van Langeraad (97) televisieregisseur en programmamaker is overleden.
Tot het laatste moment van zijn lange leven, trotseerde Kees jarenlang, iedere dinsdagmiddag, de klim van de steile trap om op de Kring zijn geliefde biljartspelletjes te spelen met een zestal hoogbejaarde Kringgenoten. Het was in de sociëteit dat de onheilstijding over zijn gezondheid op dinsdag 2 december zich aandiende, hij de dag daarna in het ziekenhuis belandde. Zijn heengaan op 12 december was toch nog onverwacht.
Kees laat een imposant oeuvre van documentaires en tv-programma’s na. Grote thema’s en indringende onderwerpen lopen als een rode draad door zijn werk. Hij was een bescheiden man waardoor hij werd onderschat. De zilveren Nipkowschijf won hij al in het jaar 1964. De jury roemde zijn documentaires voor de NCRV ‘die stuk voor stuk meer waren dan journalistieke reportages’. Het waren de begin jaren van de televisie. Met de komst van de zendmast in Lopik in 1961 werden de Nederlandse huiskamers pas in alle gewesten bereikbaar.
Vanaf 1959 maakte hij zijn eerste documentaires voor de NCRV. Dat werden Balans van een gezin, over de Jodenvervolging door de nazi’s, Het Besluit, over een gezin dat naar Canada emigreert. De laatste documentaire gaf een indringend beeld van emigratie, dat in die tijd een belangrijk thema was. Kees reist de hele wereld over en plaatst veelal Nederland en de Nederlander in breed perspectief. Een voorbeeld is 58 miljoen Nederlanders (1977), tot dan toe de grootste historische televisieproductie over de Nederlandse geschiedenis. De zesdelige serie Antilliaans Verhaal (1988) is bijzonder door de samenwerking met de lokale zenders en medewerkers op de Antillen. Twee producties over de schilder Rembrandt: Rembrandt tekenaar en Met het oog op Rembrandt, een van de eerste HDTV producties, leverden hem nationaal en internationaal prijzen op.
Naast documentaires was hij regisseur van verschillende programma’s. Hij was bijvoorbeeld eindregisseur van de historische huwelijksreportage van prinses Beatrix en prins Claus in Amsterdam in 1966. Met 44 camera’s en twaalf deelregisseurs was het toentertijd de grootste zwart-witreportage die ooit werd gemaakt. De stad was onrustig, op de Rozengracht werd een rookbom naar de koets gegooid. Terwijl in de Westerkerk het jawoord klonk, werd op veel plaatsen in de stad gevochten. Tijdens de live-uitzending was daar niets van te zien. Hij kreeg daarna het verwijt geen oog te hebben gehad voor de onrust in de stad. In de uitzending was volgens de linkse pers te weinig aandacht voor de rellen die plaatsvonden, volgens de rechtse pers was het schande dat toch een rookbom in beeld werd gebracht.
Mede door zijn bereikte hoge leeftijd, met verdamping van de werkzame jaren, leek hij in de vergetelheid geraakt. Enkele jaren geleden schonk Kees waardevolle documentatie van zijn producties aan Beeld & Geluid. Het programma Andere Tijden, kondigt aan dat in oktober 2009, een aflevering aan de Tellem-expeditie is gewijd en wordt uitgezonden:
In 1964 maakt een televisieploeg van de NCRV deel uit van de zogenaamde Tellem-expeditie, een zoektocht naar de oorsprong van het verloren Tellemvolk in Mali. De expeditie bestaat uit wetenschappers en technici onder leiding van architect en amateurarcheoloog Herman Haan. Voor de NCRV verzorgt Kees van Langeraad de verslaggeving, Didier van Koekenberg is de cameraman. De reis van de expeditieleden verloopt moeizaam vanwege gewapende conflicten en duurt niet de geplande tien dagen, maar vier weken. De expeditieleden bereiken de grotten van de Tellem in een hoge en steile rotswand met behulp van een kogelconstructie die omhoog gehesen wordt aan een katrol. De lichamelijke kenmerken van de Dogon, de huidige bewoners van het gebied, worden gemeten om ze te vergelijken met de vele menselijke resten die in de grotten worden aangetroffen. De grotten werden door de Tellem gebruikt als begraafplaatsen voor hun doden. De expeditie levert veel voorwerpen op die in de loop van tientallen jaren tot wetenschappelijke publicaties leiden.
In 2009 blikt Kees in Andere Tijden terug op deze productie uit de beginperiode van zijn carrière. ‘De televisie had in die jaren nog een roeping, namelijk bericht geven over onbekende werelden. In deze traditie paste uitstekend het verslag van de Tellem-expeditie,’ zei Kees daar over in Andere Tijden. Ter plekke mat een arts de maten van schedels en neuzen van de lokale bevolking. ‘Ze wilden weten of er overeenkomsten waren met andere bevolkingsgroepen in West-Afrika. En dat deed hij dus op die manier. Wij hebben dat gewoon geaccepteerd. De gêne daarover bestond nog niet. Dat is pas later opgekomen toen men daar gevoeliger over werd’, lichtte Kees toe. De documentaire opgenomen in Afrika was met een semi-live verslag met onregelmatige uitzendtijden van de zoektocht naar het verdwenen bergvolk Tellem, die miljoenen televisiekijkers aan de buis gekluisterd hield. De uitzendtijden waren afhankelijk van wanneer het Kees lukte om de filmrolletjes uit Mali naar Nederland te krijgen. Dat liep via iemand van de lokale bevolking die weer iemand op het vliegveld kende die ze aan een KLM-piloot meegaf.
Hoe ik Kees jaren geleden ontmoette, daar dacht ik aan, aan mijn dierbare vrienden Erik de Vries, televisiepionier, ‘de vader van de televisie’ genoemd, en zijn vrouw Hans Snoek, een danspionier. Uit alle gelederen van kunst en cultuur verzamelden ze mensen om zich heen. Iedere verjaardag werd door hen uitbundig gevierd in de P.C. Hooftstraat, met een grote groep mensen die zwierven door hun huis met drie etages. Zo cirkelden Kees en ik in die massa om elkaar heen. Pas bij de viering van de tachtigste verjaardag van Erik spraken we uitvoerig met elkaar, dat was in het jaar 1992. We werden vrinden voor het leven. Het waren Eriks en mijn handtekeningen die ervoor zorgden dat Kees tijdens een lastige periode in zijn leven, lid van de Kring werd met onze aanbeveling, dat biljarten misschien wel een aangename hobby voor hem was. Dat was niet tegen dovemansoren gezegd zoals we nu weten.
Zijn geest bleef onverwoestbaar jong, Kees reed nog auto, daagde op de computer de digitale wereld uit, deed zelf boodschappen in de Utrechtsestraat, kookte, was zelfredzaam op zijn Tjalk-boot, die lag in de Amstel tegenover de achterkant van het Amstelhotel bij de Amstelbrug. Onze boot vanaf Zorgvlied met zo’n dertig dierbaren en familie meert aan naast zijn Tjalk, we nemen afscheid van die bijzondere lieve humorvolle Kees. De rode bloemetjes van een geranium zijn zichtbaar voor het ene onbedekte raam, met een scheefgezakte stoel op de achterplecht, met de gesloten luxaflex voor de andere ramen. De camera’s op de smartphones gaan in de aanslag, gedenkwaardige foto’s worden gemaakt. We kunnen hem niet vasthouden, wel zijn beeld, we zullen hem vreselijk missen. Hij is vrij na zijn rijke lange leven met een behouden vaart.
Bronnen: o.a. Beeld&Geluid, Dagblad De Telegraaf.


